Op mijn paard

Hey Anaïs,

Ik zag dat je met Arturo in Las Vegas was. Hoe was het?

Met een date ging ik onlangs naar het little Venice van Vlaanderen, bijgenaamd Gent. In een gondel onder neonlichtjes doorvaren was in de Leie geen optie, en ook de goktentjes achter Gent Dampoort bleken dicht. Samen onder een paraplu iets warms bestellen lukte nog net. We waagden ons aan een take-away-tour. Al ging de romantiek op een bepaald moment zwaar onder nul.

Met een koffie kuierden we keuvelend langs de Graslei, iets later dwong het weer ons met een gourmet burger onder een druppelende luifel op de Korenmarkt. Corona nodigt uit tot creativiteit, denk ik vaak. Soms is dat in de gietende regen naar een andere stad rijden, waar haast alles dicht is, en er toch plezier maken. Dat lukte ons wonderwel… tot we op de terugweg een etalage met lingerie passeren.

Hij zegt dat hij de groene kanten body in het midden mooi vindt, ik ga akkoord, maar voeg toe dat het een niemendalletje is, dat geen steun biedt aan je borsten. Hij zegt dat ik geen steun nodig heb. Ik ben het met hem eens, uit ik, zeker sinds ik vaker sport.

Hij zegt dat hij niet snapt waarom vrouwen zóveel bezig zijn met slank zijn. “Van mij mag er gerust wat pak zijn aan een vrouw. En al mijn vrienden denken er ook zo over.”

Ik denk aan mijn bescheiden, doch welgevormde boezem, maar voel vooral mijn verkeerde keelgat. Zijn uitspraak schiet er recht in. Want ik heb geen pak. Ik doe mijn best voor een atletisch lijf. Kan hij dat niet gewoon toejuichen in plaats van afbreken?

Bovendien sport ik niet voor zijn goedkeuring of die van zijn vrienden. Wat met je zuurverdiende endorfines op peil houden in tijden van een sociale cohesie verwoestende pandemie? Wat met jezelf en niemand anders pleasen? Mag dat ook?

Tijdens deze wandeling kwam ik liever niet terecht in het cliché-straatje van ‘vrouwen zijn te vaak met hun uiterlijk bezig’. En toch... Op de een of andere manier loop ik er ook zelf in.

Ik zeg hem dat het nogal makkelijk is om zulke dingen over vrouwen te zeggen, in een wereld waarin ze nog altijd vaker op hun uiterlijk worden beoordeeld dan mannen. Het is ook daarom dat Billie Eilish alleen slobberkleren draagt, want ze wil dat mensen enkel haar talent zien, niet haar lijf.

Hij zegt dat mannen het even lastig hebben, en dat vooral vrouwen met het uiterlijk van andere vrouwen bezig zijn. Ik zeg dat zowel mannen als vrouwen dat doen. En dat ik het oneerlijk vind dat mannen het vaker van hun persoonlijkheid kunnen hebben. Ik wil ook weleens worden beoordeeld op mijn humor, intelligentie of creativiteit. Hij zegt dat ik wel héél fel reageer. De Leie vol stortregen is niks tegen deze oeverloze discussie. Pas na een hele tijd gaat de storm liggen.

Tijdens de terugrit zijn we beiden stil. Mijn gedachten gaan van ‘Het is toch normaal dat ik verontwaardigd reageer bij zo’n uitspraken?’ over ‘Misschien was ik inderdaad wel wat fel’ naar ‘Ben ik niet gewoon in mijn gat gebeten omdat hij mij geen bevestiging geeft? Dat hij niet zegt wat ík wil horen?’

Gevangen tussen deze gedachten, pink ik een traantje weg. Daarna kalmeer ik en concludeer dat als een relatie de flow van endorfines in de weg zit, je dan maar beter met jezelf en je endorfines achterblijft. Een man is leuk, maar geen noodzaak. Maar wel leuk, begrijp me niet verkeerd.

Het doet me denken aan een interview met Cher uit 1996 waarin ze vertelt dat ze een man als een luxe beschouwt. Haar moeder zei een keer tegen haar: One day you’ll have to settle and marry a rich man. Waarop Cher antwoordt: Mom, I am a rich man.

Ik ken mezelf. Tot de dag dat dit soort misplaatste uitspraken niet meer gebeuren en mannen en vrouwen gelijkwaardig worden beoordeeld op hun uiterlijk én persoonlijkheid, zal ik af en toe op mijn paard zitten. In een grote slobbertrui. Doorgaans zal ik keurig in de pas lopen, elegant draven en moeiteloos galopperen, af en toe zal ik fel steigeren.

Wie rijdt er mee?