Obstakel

Anaïs,

Ik ben gedumpt. Mijn date en ik kusten voor het eerst in het zwembad, hij maakte zuurdesempizza voor me en al lepelend keken we arthousefilms. Dat leest misschien als het begin van een alternatieve romcom, maar we leden allebei aan de ziekte van deze tijd: opties openhouden.

Ik voelde de bui al een tijdje hangen. De spontaniteit leek sinds een paar weken verdwenen, ik kon hem niet meer peilen. En vanaf het moment dat je uitspreekt dat het niet exclusief hoeft te zijn, neem je eigenlijk al de afslag richting exit, toch?

Toen ik voorstelde om nog eens zo’n film te kijken, zei hij dat hij liever wilde gaan wandelen. En ‘gaan wandelen’ klinkt in coronatijden misschien als een standaard uitje, in datingleven betekent het ‘storm op komst’. We zouden hem de voormiddag erna al trotseren.

Die ochtend haal ik mijn wapens boven: elegante jurk, krultang, lippenstift. Ondergaan in stijl heet dat. Terwijl ik me op een bankje in het park nonchalant tegen de leuning vlei, zegt hij dat er iemand uit zijn verleden is opgedoken. Een wereldreis en een vroegere relatie hadden toen roet in het eten gegooid, nu ben ik het obstakel.

Hij zegt dat hij het nog moet uitzoeken met haar, iets wat an sich niks met mij te maken heeft, maar ruimte voor beide verhalen heeft hij niet. Ik zeg dat ik het begrijp, dat ik niet zal beginnen vergelijken en haar niet zal Instagramstalken. Uiteraard is dat het eerste wat ik doe als ik thuiskom. Is het gemeen als ik je schrijf dat ik niet onder de indruk was? En moet ik daar net blij of verontwaardigd over zijn?

Anaïs, zou het anders zijn geweest had hij kunnen zien hoe ik obers telkens weer doe lachen en hoe ik de ster van de dansvloer word? Wat als ik mijn slobbertrui net iets minder had gedragen? We zullen het nooit weten. Wat ons rest is dit eigenste moment. En nu hij en ik koffiedrinken onder de zon op de plek waar we elkaar voor het eerst ontmoetten, nu alle verwachtingen wegvallen en het me wonderwel lukt om de beste versie van mezelf te zijn, wordt dit ons leukste afspraakje ooit. In de val die ik voor hem heb uitgezet, trap ik dus vooral zélf.

Die namiddag word ik – halleluja – op een tuinfeest met vriendinnen verwacht. Al fietsend piep ik mee met ‘Heartbreaker’ van Mariah Carey. En jij weet ook, Mariah kan écht hoog zingen. Aan de meewarige blikken die me kruisen merk ik hoe gênant het klinkt.

Op de oprit van de jarige bel ik aan. Ze duwt de garagepoort open en zegt meteen “Amai gij ziet er goed uit!” “Ik ben zonet gedumpt”, zeg ik, “maar ik heb het hem niet gemakkelijk gemaakt!” We lachen, ik vertel het verhaal, ze luisteren, ze zeggen ‘allez, dat die ú laat schieten!’, we drinken cava, ik zet Mariah op, we dansen op de tuintafel.

Liefs,